18. Het Volkomen getal 496

home  2006,  laatst bijgewerkt 25-05-2008

18. Het volkomen getal 496.

In hoofdstuk 11 noemde ik al het volkomen getal. Een perfect (of volkomen) getal is een positief geheel getal dat gelijk is aan de som van zijn eigen positieve delers, de één ingesloten en het getal zelf uitgesloten. Zes en achtentwintig zijn de eerste twee volkomen getallen:

de delers van 6 zijn: 1, 2 en 3 1+2+3=6

de delers van 28 zijn: 1, 2, 4, 7 en 14 1+2+4+7+14=28

De bijbelschrijver heeft dit feit gebruikt door het eerste woord van de bijbel 'berashit', , met 6 letters te laten beginnen en het hele eerste vers met 28 letters:

Gen.1:1

Het derde volkomen getal is 496:

Delers van het volkomen getal 496
 9 delers   1   2   3   4   5   6  7   8   9 
 delers van 496    1     2     4     8    16   31   62   124   248 

Som: 1+2+4+8+16+31+62+124+248=496

De laatste letter van Gen.1:1 is de tsadee, , met de getallenwaarde 90. Dit is de 28ste letter van het vers. Het driehoeksgetal van 28 is 406. Samen met de getallenwaarde van de tsadee is dat 406+90=496. Op deze manier lijkt het derde volkomen getal het eerste vers af te sluiten.
Na enig zoeken blijkt ook het vierde volkomen getal in Gen.1:1 verborgen/onthuld te zijn. Om dit getal te vinden moeten we steeds twee aan twee de letterwaarden van ieder woord bij elkaar optellen net zo lang tot er één getal voor ieder woord over blijft. Zo vinden we zeven getallen die samen 8128 zijn, het vierde volkomen getal:


Driehoek 0127=8128

Alle delers van 8128 zijn: 1, 2, 4, 8, 16, 32, 64, 127, 254, 508, 1016, 2032 en 4064,
som: 1+2+4+ 8+ 16+ 32+ 64+ 127+ 254+ 508+ 1016+ 2032+ 4064=8128

Let op, het getal 8128 is het driehoeksgetal van 0127, hetgeen een cijfer anagram is van het Scheppingsgetal 2701.

De eerste drie volkomen getallen zijn met enige logica vrij eenvoudig aan te brengen in een tekst, maar dat ligt voor het vierde volkomen getal anders. Temeer daar ook het getal Pi en de stelling van Pythagoras en talrijke andere wiskundige getallen en wetmatigheden in het eerste vers van de bijbel verborgen/onthuld zijn.

Alle volkomen getallen zijn driehoeksgetallen. 6 is het driehoeksgetal van drie, 28 is het driehoeksgetal van zeven en 496 is het driehoeksgetal van éénendertig:

 


  D3=6      D7=28                                D31=496                        

 

Delers van het volkomen getal 496
 9 delers   1   2   3   4   5   6  7   8   9 
 delers van 496    1     2     4     8    16   31   62   124   248 

Van de negen delers van het derde volkomen getal 496 is de 5de deler de middelste deler. Dus 16 is de centrale deler. De factoren (dit is iets anders dan delers) van 496 zijn: 1x(2x2x2x2)x31 of 1x16x31. De 16 is ook het centrum tussen 1 en 31:

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

24

25

26

27

28

29

30

31

Dit centreren is overigens een eigenschap van alle volkomen getallen:

Alle Volkomen getallen zijn gecentreerd (behalve D3)

6

1x2x3

1x2x3

D3

CD=*

28

1x(2x2)7

1x4x7

D7

CD=13

496

1x(2x2x2x2)x31

1x16x31

D31

CD=221

8128

1x(2x2x2x2x2x2)x127

1x64x127

D127

CD=3613

33.550.336

1x(2x2x2x2x2x2x2x2x2x2x2x2)x8191

1x4096x8191

D8191

CD= 14.911.261

Meer volkomen getallen kan je hier vinden. Een andere eigenschap van volkomen getallen is dat ze altijd op een 8 of een 6 eindigen, de cijfers die samen 86 vormen, het CV van Elohim. Nog een interessant detail is het feit dat als we de zes cijfers van het eerste volkomen getal 6 steeds twee aan twee bij elkaar optellen de som 112 is, het CV van Jahwe Elohim:

יהוה אלהים
 

.

.

.

.

.

112

.

.

.

.

.

.

.

.

.

64

48

.

.

.

.

.

.

.

36

28

20

.

.

.

.

.

20 16 12

8

.

.

.

11 9 7 5 3

.

6 5 4

3

2 1
D6=21 of 3x7
21=אהיה=I AM (Ex.3:14)

De 5de deler van 496 is dus 16. De vermenigvuldiging van deze twee getallen is 5x16=80. Het 80ste priemgetal is 401, de getallenwaarde van het centrale woord, het nota objecty, eth, van Gen.1:1. Nu blijkt het 401ste composiet getal  496 te zijn. Een 'overdreven toevalligheid'. (composiet getallen zijn eigenlijk alle getallen, de priemgetallen uitgesloten. 4 is het eerste composiet getal) De letters van dit woord staan op de letterplaatsen 15 en 16, samen 31. Zo geven de letterplaatsen (31) samen met (401) het derde volkomen getal 496 aan; deze is immers de driehoek van 31.

7 6 5 4 3 2 1
28-27-26-25 24-23-22 21-20-19-18-17 16-15 14-13-12-11-10  9 - 8 - 7  6 - 5 - 4 - 3 - 2 - 1
                     
296 407 395 401 86 203 913

Composiet 401=496, het 3de Volkomen getal.

We zien dus hier dat het middelste woord van Gen.1:1, dat uit de eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet bestaat, een wiskundige relatie heeft met het derde volkomen getal 496. De alef en de tav, de Alfa en de Omega in het Grieks, de eerste en de laatste vertegenwoordigen God (Openb.1:8). Alfa en Omega is: 1+800=801. Dit is het 661ste composietgetal. 661 is verbonden met 496. Met de driehoek van 496 eenheden kan de Davidsster met 661 eenheden worden gevormd:

Zo zijn de eerste en de laatste letter van het Hebreeuwse en het Griekse alfabet met elkaar verbonden. We zullen zien dat de getallen 496 en 661 vaker samenwerken om de bijbeltekst te structureren. Maar er is nog iets bijzonders aan de hand: 496 is een composietgetal, maar 661 is een priemgetal. 661 is priem 122. De som van deze twee getallen is: 661+122=783. De som van 496 en het ordenummer 401 is 897. Die twee getallen zijn samen: 897+783=1680, gelijk aan het CV van Χριστου, Christus.

De som van de letterplaatsen van de alef, tot en met het woord eth is: 3+9+10+15=37, terwijl de som van de letterplaatsen van de tav 6+16=22 is.

We kunnen nu naar letter 496 gaan, maar ik wil eerst naar woord 496 gaan. Dit woord blijkt namelijk de 37ste 'Elohim' in de bijbeltekst te zijn en staat in Gen.2:5. Ik neem aan dat het de lezer inmiddels duidelijk is dat het getal 37 een speciale functie in de bijbelstructuur heeft. Ook hier spelen de getallen 401 en 496 een rol bij het ordenen van de tekst. Omdat 496 de 401ste composiet is en 401 alef-tav is, heb ik naar de letterplaatsen van de alef en de tav in het alfabet gekeken. Het zijn respectievelijk de 1ste en de 22ste letter van het alfabet, samen 1+22=23. Gen.2:5 blijkt 23 woorden te hebben. 401 is het 80ste priemgetal; het aantal letters van Gen.2:5 is 80 of 5x16. De 5de deler van 496 is 16. De 37ste Elohim is het 16de woord in Gen.2:5 en tevens 5de Elohim in hoofdstuk 2. Ook blijkt de alef, de 1, de eerste letter van de 37ste Elohim de 22ste alef van het tweede hoofdstuk te zijn. Ook hier verbindt de 1 zich met de 22.

Gen.2:5 is het 36ste vers van de bijbel en heeft 23 woorden en 80 letters.
 5de composiet is 10  

priem 10=23... 

...23 woorden
 16de composiet is 26  

...26-62......62ste composiet is 86  

 16de woord: Elohim 
som is 36    ...Gen.2:5 is vers 36 van de bijbel... ...80 letters =5x16 

Verder is 496 dus het driehoeksgetal van 31. Nu is de enkelvoudige vorm van Elohim 'El', , en heeft de getallenwaarde 31. Dit is mogelijk één van de vele redenen dat woord 496, Elohim, God, is. De 31 wordt hier met de 37 verbonden. 31 is ook de 6de deler van 496, samen 31+6=37. De vermenigvuldiging van deze twee getallen is: 6x31=186. Woord 186 is de 16de Elohim in de bijbel (Gen1:16) De 16de composiet is 26, de getallenwaarde van Jahwe. 186 is ook de som van het kwadraat van de 4 letters (42=16) van Jahwe, :

=5-6-5-10......52+62+52+102=25+36+25+100=186.

De Davidsster die met de driehoek met 496 éénheden gevormd kan worden heeft 496+(3x55)=661 éénheden:

D31=496     661

Woord 661 is eveneens Elohim (Gen.2:19) Dit is de 44ste Elohim van de bijbel. 44 kan hier geformuleerd worden als 37+7, immers woord 496 is de 37ste Elohim. Deze 44ste Elohim begint met de 227ste alef van de bijbel en legt hiermee het woordnummer in het tweede hoofdstuk vast: deze Elohim is namelijk het 227ste woord van Gen.2. Daar 227 het 50ste priemgetal is lijkt het getal 227 ook het versnummer vast te leggen: Gen.2:19 is namelijk het 50ste vers van de bijbel. Het woord Elohim lijkt zich ook hier weer te verbinden met mathematische gegevens. [Nog een aardigheid is dat driehoek 496 als zwaartepunt 221 heeft, en dat 661 de 122ste priem is. De som van deze getallen die zich in elkaar spiegelen is: 221+122=343=7x7x7. Tot en met Gen.2:19, vers 40, daar waar we woord 661 vinden, zijn er 686 woorden in de bijbel, hetgeen 2x(7x7x7) is]

In het eerste hoofdstuk vinden we 32x het woord Elohim zodat woord 496 de (37-32=5) 5de Elohim is in het 2de hoofdstuk:

Het is tevens het 16de woord in vers Gen.2:5 te zijn. De 5de deler van 496 is 16. Een overdreven toevalligheid. Het eerste hoofdstuk van de bijbel heeft 434 woorden, hetgeen 1x2x7x31 of 7x62 is. De 7de deler van 496 is 62. De 434 woorden van Gen.1 plus de 62 woorden van Gen.2 brengen ons bij woord 434+62=496, de 37ste Elohim. Het eerste en het tweede hoofdstuk van de bijbel worden door de delers van 496 zowel verbonden als gescheiden.

Vanaf het begin van hoofdstuk 2 zijn de letterplaatsen van de 5de (=37ste) Elohim: 246, 247, 248, 249 en 250. De som hiervan is 1240 of 5x248. De middelste letter van Elohim, , is de hee met de letterwaarde 5 en is tevens letter 248 in Gen.2. De negende deler van 496 is 248.

In het vers (Gen.2:5) is ‘Elohim’ dus het 16de woord. Vanaf het begin van het tweede hoofdstuk is 'Elohim' het 62ste woord en tevens de 5de Elohim in het tweede hoofdstuk. 62 is de 7de factor in de reeks delers van 496. Hier wordt in het tweede hoofdstuk de 5de deler met de 7de deler van 496 verbonden. Priem 5=7. Vervolgens wordt hier door middel van deze ‘priemsprong’ van het 5de vers naar het 7de vers in Genesis 2 verwezen: Gen.2:7 heeft namelijk 16 woorden en 62 letters.

In Gen.2:7 wordt nogmaals beschreven wat in vers 27 al is beschreven: namelijk het scheppen van de mens: Gen.1:27 Zo schiep God de mens als zijn evenbeeld; als beeld van God schiep hij hem; man en vrouw schiep hij hen. Dit is een belangrijk onderdeel van de Schepping en het is mogelijk daarom dat dit vers mathematisch wordt verankerd. Dit beeld wordt nog verder versterkt in Gen.2:22 waar de vrouw wordt gemaakt en bij de man word gebracht. Dit vers begint op letter 2727 en eindigt op letter 2772. Vanaf het begin van de bijbel zijn er 727 woorden. Vanaf vers 27 (het scheppen van de mens) tot en met Gen.2:22 (het brengen van de vrouw bij de man) zijn er 27 verzen.

Een ander thema is te vinden tussen het begin van de bijbel en de derde scheppingsdag. Letter 496 is te vinden in de derde dag in Gen.1:11 de 50ste letter. Vanaf het begin van de derde dag (Gen.1:9) is dit de 151ste letter. Nu was woord 496 de 37ste Elohim en het 37ste priemgetal is 151. Hiermee lijkt woord 496 zich met letter 496 in de derde dag te verbinden want dat is immers de 151ste letter in de derde dag:

Het is ook aardig om te zien dat de derde dag 259 letters heeft, hetgeen 7x37 is. Dit getal kan worden uitgedrukt door 7 Davidssterren met 37 éénheden:

259=7x37 en 151 is:

De kern, de hexagons van de zes buitenste sterren plus de zevende Davidster in het midden is:

(6x19)+37=114+37=151

In de derde dag ligt het accent op 151, de 37ste priem. De laatste Elohim die in de derde dag voorkomt is woord 151 van de bijbel (Gen.1:12 het 16de woord) Tot en met de derde dag zijn er 604 letters in de bijbel, hetgeen 4x151 is. Dit kan aan geven hoe belangrijk 151 (496) in de tekst is. De gematria van de vijf verzen van de derde dag is: 3068+2074+5165+4335+1342=15984. Als vermenigvuldiging uitgedrukt is dit: 432x37. De som van deze vermenigvuldiging is: 432+37=469, een anagram van 496. Om zichtbaar te maken hoe 496 verder verbonden is met de derde dag moeten we de cijfers van de delers van 496 bij elkaar op tellen:

1+2+4+8+(1+6)+(3+1)+(6+2)+(1+2+4)+(2+4+8)=55

De derde dag wordt beschreven van Gen.1:9 tot en met Gen.1:13. De som van de versnummers van de derde dag is: 9+10+11+12+13=55. Bedenk dat 496 het derde volkomen getal is. Ook zijn er vanaf het begin van de bijbel 55 alef's, de eerste letter van het alfabet die God in de tekst vertegenwoordigd. Daarnaast zijn er 3 driehoeken van 55 éénheden nodig om samen met 496 de Davidsster van 661 éénheden te vormen: 496+(3x55)=496+165=661.

661

Als we naar letter 661 gaan dan is dat de laatste letter van woord 172 (2x86) 'als teken' in Gen.1:14, het eerste vers in de vierde dag. De som van de letterplaatsen van dit woord is 658+659+660+661=2638.

Dit is een cijfer anagram van 2368, Jezus Christus. De geboorte datum van Jezus is het uitgangspunt van onze kalender en als zodanig is hij een teken voor seizoenen, dagen en jaren. Ook vinden we tussen letter 496 en 661 de Jezus-code met ELS 22, waarvan de som van de letterplaatsen 625+603+581+559=2368 is.

De afstand van 496 tot en met 559, de laatste letter van de code, is 64. En de afstand van de eerste letter van de code, 625 tot en met 661 is 37. Dit zijn de factoren 64 en 37 van Jezus Christus, , 888+1480=2368=64x37. De Jezus code lijkt op deze speciale wijze te zijn 'opgehangen' met zijn eigen factoren tussen het derde volkomen getal 496 en de Davidsster met 661 éénheden die hiermee gevormd kan worden. Letter 496 is de shien, , en letter 661 is de tav, .

Samen vormen deze letters het woord 'Seth', . Seth is de derde zoon van Adam. Nu staat de Jezus code geschreven in de woorden: onder het firmament-derde-goed-zijn zaad. Via de derde zoon (=zaad) van Adam loopt de geslachtslijn naar Jezus Christus. Voor meer informatie over deze code zie hoofdstuk 12. Jezus ELS 22. Woord 172 (2x86) 'als teken' heeft een relatie met de frase 'teken van een verbond' (Gen.9:13), , (400+10+200+2)+(400+6+1)=612+407=1019. Het 172ste priemgetal is 1019.

In de boom der kennis van goed en kwaad, kunnen we ook het getal 496 terug vinden:

de kennis van goed

(2+6+9)+(400+70+4+5)=17+479=496

Het is ook interessant om te zien wat de getallenwaarde is van: kennis van goed en kwaad:

kennis van goed en kwaad

(70+200+6)+(2+6+9)+(400+70+4+5)=772.....2x386

Dit is een aanwijzing dat God de kennis van goed en kwaad in de handen van Jeshua, , Jezus, 386, heeft gelegd. De Jezus-code met ELS 86 komt uit in de derde letter, de ajin, , van het woord kennis.

Het koninkrijk is in het Hebreeuws: 400+6+20+30+40=496. De fundamenten van het koninkrijk dat God gaat oprichten worden hier al gelegd. En de code vertelt wie de koning in dat koninkrijk zal zijn.

Het koninkrijk:

Jozua 12 lijkt ook een relatie te hebben met het Volkomen getal 496. In dat hoofdstuk worden 31 koningen beschreven, die worden verslagen door de zonen van Israël om plaats te maken voor de natie Israël. Het hoofdstuk heeft:

963 letters, 248 woorden en 24 verzen.

248 is de 9de deler van 496. We weten dat 496 het 31ste driehoeksgetal is. De bijbelschrijver heeft dit feit gebruikt in het laatste vers van Jozua 12:24. De koning van Tirza, één; in het geheel één en dertig koningen. Boek Jozua is het 6de boek van de bijbel. De 6de deler van 496 is 31. Het hoofdstuk is nummer 12. Composiet 6=12. Zoals je weet is het 12de priemgetal 31. Zo wordt hier het woord éénendertig verankerd in het hoofdstuk en het boek Jozua.

Delers van het volkomen getal 496
 9delers   1   2   3   4   5   6  7   8   9 
 delers van 496    1     2     4     8    16   31   62   124   248

factoren van 496: 1x(2x2x2x2)x31

Jozua 12:24  

De koning van Tirza, één; in het geheel één en dertig koningen.

De woorden één en dertig, : , zijn de laatste woorden van het hoofdstuk. De laatste letter, letter 963, is de daleth, , van het woord echad, , één. Dit blijkt de 62ste daleth van het hoofdstuk te zijn. De daleth heeft de getallenwaarde, 4 dus: 62x4=248. Dit is de woordplaats van het woord echad, één, het laatste woord van het hoofdstuk. In het vers Jozua 12:24 is deze daleth de laatste letter van het 7de woord en tegelijkertijd de 26ste letter van het vers. We zien hier een omkering van het getal 62 in 26, en daarnaast is 62 is de 7de deler van 496!

Ook het aantal letters van het hoofdstuk (963) is gecodeerd in de woorden : , één en dertig, 31. Deze twee woorden hebben 9 letters. De 6de letter, de vav, met de getallenwaarde 6, is een voorvoegsel en wordt vertaald als 'en'. De 6de deler van 496 is 31. Als we dit voorvoegsel verwijderen houden we over: , dertig één. In het Engels ziet dit er iets logischer uit : thirty one. De getalswaarden van deze twee woorden zijn respectievelijk 13 en 680, samen 13+680=693. Dit is een cijferanagram van 963. We zien dat de 6 en de 9 van plaats zijn verwisseld in dit anagram. Als we voor deze twee woorden de woordnummers in het hoofdstuk tellen, vinden we: 247+248=495. Hier mist een één om 496 compleet te maken. Aan de andere kant zijn de factoren van 495: 1x(3x3)x5x11. De som van deze factoren is: 1+9+5+11=26, de letterplaats van de laatste letter in het vers, de daleth. Maar als we (3x3) niet als een éénheid zien en de individuele getallen tellen, dan is de som: 1+(3+3)+5+11=23, de letterplaats van de vav in het vers, het voorvoegsel dat we hebben verwijderd. Ook nu spelen de 9 (=3x3) en de 6 (=3+3) een rol. De 6de deler van 496 is 31 en de 9de deler is 248. Al deze getallen spelen een rol bij het coderen van de woorden één en dertig.

Nu deze woorden en getallen onze aandacht hebben, kunnen we verder kijken. Nu kijken we naar het aantal letters, woorden en verzen van het boek Jozua. Vanaf het begin van het boek tot en met Jozua 12:24 zijn er:

20007 letters, 5115 woorden en 303 verzen

Dus woord 5115 is het laatste woord van Jozua 12:1-24: , hetgeen één betekent. De eerste letter van het Hebreeuwse alfabet, de alef, heeft de getallenwaarde één, 1. De eerste letter van het woord echad, één, is de alef: . Deze alef is de 1551ste alef van het boek Jozua. Woordnummer 5115 van het woord echad en alef nummer 1551 zijn beide palindromen. De vijven en de énen zijn van plaats verwisseld. Er schijnt ook een relatie te zijn tussen de eerste en de laatste letter van het woord echad. De daleth, de laatste letter is letter 20007 in het boek Jozua. 20007 in factoren ontbonden is: 1x(3x3x3x3)x13x19. De som van deze factoren is: 1+81+13+19=114. Als we nu naar de tabel van palindroom getallen kijken zien we dat het 114de palindroomgetal 1551 is. Het getal 1551 in factoren is: 1x3x11x47, de som is: 1+3+11+47=62. Dit is de 7de deler van 496. Deze 1551ste alef van het boek Jozua kan gevonden worden op de 7de plaats in het woord één en dertig, : . En in hoofdstuk 12 is het de 961ste letter hetgeen 31x31 is. De som is 31+31=62, opnieuw de zevende deler van 496.  Daarnaast is de 114de composiet 150. Het 150ste palindroomgetal is 5115!!!

 114de composiet is 150        
     114de palindroom is 1551   1551ste van Jozua 12  1551=1x3x11x47, som 1+3+11+47=62 
   150ste palindroom is 5115   5115de woord ()  van Jozua 12   62ste in Jozua 12, 26ste letter in Jozua 12:24 
     Laatste letter is , letter 20007 van Jozua 12   20007=1x(3x3x3x3)x13x19 
 -----------------------  -------------------------  -----------------------------------------

----------------- Som: 1+81+13+19=114  

De factoren van 5115 zijn: 1x3x5x11x31. De som is 1+3+5+11+31=51. Maar we spreken hier over de woord (en) één en dertig. 31 is één van de factoren van 5115. In feite is 5115: (1x3x5x11)x31=165x31. Het 165ste palindroom is 6666, hetgeen 1551+5115 is. Alles is er, alleen een beetje veranderd.  Misschien is mijn analyse niet helemaal juist, maar ik denk dat het er dicht in de buurt zit. Het gaat allemaal over veranderingen die God gaat maken. En ik herinner je er ook aan dat 165: 3x55 is, drie maal de driehoek van 10 die aan de driehoek van 31 worden toegevoegd om de Davidsster te maken met 661 éénheden.

661=D31+(3xD10)

661 gespiegeld is 166. Als we 166 en 661 in elkaar schuiven als een telescoop, dan vinden we 1661. De laatste letter van het woord dertig, , is de mem, . Dit is de 1661ste mem van het boek Jozua. Het is de middelste letter in het woord éénendertig. God schijnt dit te bevestigen, want deze mem is de 86ste mem in het hoofdstuk en tevens laatste mem van het hoofdstuk. Een andere verklaring is dat deze mem de 5de en centrale letter van het woord éénendertig is. De 5de (en centrale) deler van 496 D31) is 16, gespiegeld 61 en 'getrouwd' is 1661, het memnummer in het boek. De som van de letterplaatsen van het woord éénendertig in hoofdstuk Jozua 12 kan je vinden in de volgende tabel:

                   éénendertig

 In Jozua 12:24

 
 Letterplaatsen in boek

 20007+20006+20005+20004+20003+20002+20001+20000+19999=180027  

 9x20003 
 Letterplaatsen in hoofdstuk 

 963+962+961+960+959+958+957+956+955=8631 

 9x595 
 Letterplaatsen in vers

26+25+24+23+22+21+20+19+18=198

9x22
 Letterplaatsen in woord

9 - 8 - 7 - 6 - 5 - 4 - 3 - 2 - 1

9x5

Deze mem is letter 20003 van het boek Jozua. Deze letter schijnt ook een relatie te hebben met de hee, , de 5de letter van het Hebreeuwse alfabet, want dit is de 2003de hee in het boek Jozua. 2003 is het 305de priemgetal en 305 is 5x61. Deze 61 is toegevoegd aan de 5de deler van 496, zijnde 16, om 1661 te vormen om het memnummer op de 5de plaats in het woord éénendertig. En er is meer te vertellen over deze hee in Jozua 12:24. Het is de 944de letter in het hoofdstuk. De factoren van 944 zijn: 1x(2x2x2x2)x59. De som van deze factoren is: 1+16+59=76. Deze hee blijkt de 76de hee van hoofdstuk Jozua 12 te zijn!!! Het 76de composietgetal is 104, en het 104de palindroomgetal is 959, de letterplaats van de mem in dit hoofdstuk van het boek Jozua. 104 in factoren is: 1x(2x2x2)x13. De som is: 1+8+13=22, de letterplaats van de mem in het vers. 959 en 22 zijn verbonden op deze manier, en de hee in het vers, de 5, vertelt hoe. Dus is er meer dan één mogelijke relatie tussen mem en de hee in dit hoofdstuk.

  is letter 944 in Jozua 12     
 944=1x(2x2x2x2)x59, som 1+16+59=76   76ste composiet is 104   
  in Jozua 12:24 is de 76ste in het hoofdstuk   104de palindroom is 959   is letter 959 in hoofdstuk Jozua 12 
   104=1x(2x2x2)x13, som 1+8+13=22    is letter 22 in vers Jozua 12:24
   

is 5, de is de 5de letter in het woord: éénendertig 

 2003de   in boek Jozua............................. ...........................................................   is letter 20003 in het boek Jozua

Misschien vertelt de laatste letter van  Jozua 12:24 ons nog meer. Het is de daleth en de 324812de letter van de bijbel. De factoren van 324812 zijn: 1x(2x2)x81203. De som van deze factoren is: 1+4+81203=81208. De daleth heeft de getallenwaarde 4 en in 81208 vinden we op de vierde plaats een nul. Als we deze 0 verwijderen of negeren, vinden we het getal 8128, hetgeen het 4de Volkomen getal is!!! Dit getal is verbonden aan de negende deler 248 van het 3de Volkomen getal, want het woord echad, , is immers woord 248 van Jozua 12 en de daleth is letter 3.248.12 van de bijbel. De 3de letter van het 248ste woord van het 12de hoofdstuk van boek Jozua is de 3.248.12de letter van de bijbel. Tot hier is er geen letter verloren gegaan!!!!

Zoals altijd: deze analyse van het volkomen getal 496 in relatie tot de bijbel is verre van compleet. Maar ik hoop dat ik toch enig licht heb kunnen brengen. Hier zijn nog enige observaties te vinden in relatie tot het volkomen getal 496, maar die de structuur op dit moment nog niet veel duidelijker maken, maar voor andere onderzoekers misschien interessant zijn.

Stenen tafelen, , 58+438=496 (Ex.24:12)

    

Is perfect gemaakt, , 661 (2Cor.12:9)

Want God nam hem weg,

אלהים

אתו

לקח

כי

, 86+407+138+30=661

(Gen.5:24)

 

home                                                                                  vorige       volgende

 

 

© Frank Colijn 2006
.